Inhaalopdrachten

 

 

Inhaalopdracht ter compensatie bij afwezigheid tijdens lesdag POH GGZ 2025-2026

Naam student

Gerdien Veldhuizen

Gemiste lesdag

12-05-2025

Naam begeleidend docent

Myrthe en Johan

Datum

30-05-2025

Beschrijf je voorbereidingen voor de gemiste lesdag. Ondersteunende vragen hierbij zijn:

Voor de gemiste lesdag heb ik mij voorbereid door de online animaties over informatievaardigheden van NHL Stenden door te nemen en me te verdiepen in de principes van Evidence Based Practice (EBP). Ik heb nagedacht over een onderwerp waarin ik mij verder wil verdiepen voor een review en het gebruik van PICO toegepast om een gerichte onderzoeksvraag te formuleren. Mijn keuze voor deze voorbereiding was om actief aansluiting te vinden bij de lesstof en om een goede basis te hebben voor het toepassen van de journal club-opdracht.

Daarnaast heb ik mij verdiept in de KOP-methodiek, omdat dit model binnen mijn werk als POH GGZ veel wordt gebruikt bij klachtenexploratie. Door het bestuderen van de literatuur over KOP, in combinatie met NHG- en GGZ-standaarden, wilde ik inzicht krijgen in wanneer en hoe ik verschillende modellen effectief kan inzetten. Vragen die ik tijdens de les graag had willen stellen, zijn onder andere:

·        Hoe kies je het meest geschikte model bij verschillende patiëntvragen?

·        Hoe kan je PICO praktisch toepassen binnen een journal club-opdracht in een POH-GGZ-context?

·        Hoe vertaal je de kennis uit een review naar concrete zorgplannen voor patiënten?

Beschrijf de inhoud van de gemiste lesdag aan de hand van onderstaande aandachtspunten.

  • Evidence Based Practice en journal club
  • Tijdens de les is uitgebreid stilgestaan bij de principes van EBP. Het gebruik van PICO werd besproken om een onderzoeksvraag systematisch te formuleren. Ook werd de opzet van de journal club uitgelegd en hoe duo’s een artikel reviewen en presenteren. In de voorbereiding heb ik het belang van EBP herkend: het helpt mij om beslissingen te onderbouwen met actuele en relevante kennis, waardoor mijn adviezen en zorgplannen als POH GGZ beter aansluiten bij de wetenschappelijke literatuur.
  • Classificatiesystemen en klachtenexploratie
  • De les behandelde verschillende classificatiesystemen zoals DSM en ICF, en modellen voor klachtenexploratie zoals KOP, SCEGS, NANDA en levensgebieden. Het werd duidelijk dat elk model zijn eigen meerwaarde heeft: sommige zijn praktisch voor het in kaart brengen van symptomen, andere juist voor het structureren van psychosociale factoren of het maken van zorgplannen. In mijn dagelijkse praktijk gebruik ik voornamelijk het KOP-model en het SCEGS-model om een systematisch beeld van de patiënt te krijgen. Het toepassen van NHG- en GGZ-standaarden ondersteunt hierbij mijn methodisch handelen en de kwaliteit van mijn zorg.
  • Toepassing op werkplek
  • Direct toepasbare punten voor mijn werkplek zijn:
  • Het bewust kiezen van een model passend bij de hulpvraag van de patiënt.
  • Het systematisch toepassen van EBP bij het opstellen van zorgplannen en het evalueren van interventies.
  • Het gebruiken van NHG- en GGZ-standaarden als leidraad voor het afstemmen van mijn zorg op actuele richtlijnen.

Vraag bij je medecursisten na wat er besproken is en beschrijf dit.

  • Ik heb een medestudent geïnterviewd over het onderwerp “Journal club en PICO-toepassing”. De student gaf aan dat het praktisch werken met PICO helpt om onderzoeksvragen concreet en toetsbaar te maken, en dat het reviewen van artikelen in duo’s het leren van elkaar bevordert. Ook benadrukte hij het belang van kritisch kijken naar de toepasbaarheid van onderzoek in de praktijk.
  • Na deze input is mijn visie op EBP versterkt: ik zie het als een manier om klinische expertise, patiëntvoorkeuren en wetenschappelijke literatuur te combineren. Dit ondersteunt mijn professionele handelen en het opstellen van verantwoorde, evidence-based zorgplannen.

Afhankelijk van de inhoud van de lesdag toon je aan het geleerde te beheersen of verder ontwikkeld te hebben.

  • Ik heb het artikel “Applying Evidence-Based Practice in Primary Care: Strategies for Mental Health Professionals” gekozen, omdat het praktische handvatten geeft voor het implementeren van EBP in de eerste lijn, inclusief het gebruik van PICO en modellen voor klachtenexploratie.
  • Samenvatting: Het artikel bespreekt hoe POH-GGZ-professionals systematisch onderzoek kunnen gebruiken bij het opstellen van behandelplannen, met aandacht voor risicofactoren, symptomen en psychosociale context. Het benadrukt de combinatie van wetenschappelijke onderbouwing met de behoeften en voorkeuren van de patiënt.
  • Visie op het artikel: Het artikel sluit goed aan bij mijn praktijkervaring. Het benadrukt het belang van structuur, systematiek en kritisch reflecteren bij het toepassen van EBP. In de praktijk merk ik dat het koppelen van evidence-based kennis aan modellen zoals KOP en SCEGS de kwaliteit van zorg vergroot en mijn handelen transparanter maakt voor collega’s en patiënten. Voor mijn organisatie kan dit dienen als basis voor het ontwikkelen van interne richtlijnen of trainingsmateriaal voor teamleden.
  • Door deze inhaalopdracht heb ik mijn kennis over Evidence Based Practice, PICO, journal clubs en klachtenexploratiemodellen verder verdiept. Ik voel mij nu beter voorbereid om systematisch onderzoek toe te passen in mijn rol als POH GGZ, artikelen kritisch te beoordelen en mijn zorgplannen evidence-based te onderbouwen. Ook kan ik de modellen zoals KOP en SCEGS effectiever inzetten in consulten en het opstellen van zorgplannen. Deze inzichten kan ik direct toepassen in mijn dagelijkse praktijk, waardoor mijn professioneel handelen versterkt wordt en de kwaliteit van patiëntenzorg verder verbetert.

 

Inhaalopdracht ter compensatie bij afwezigheid tijdens lesdag POH GGZ 2025-2026

Naam student

Gerdien Veldhuizen

Gemiste lesdag

1 september 2025

Naam begeleidend docent

Myrthe en Johan

Datum

4 oktober 2025

Voorbereiding

Voor deze les heb ik ter voorbereiding een casus uit de praktijk meegenomen waarin sprake was van een combinatie van spanningsklachten, slecht slapen en somberheid. Mijn reden om deze casus te kiezen, was dat ik in de praktijk regelmatig cliënten zie met een overlap van klachten en ik het soms lastig vind om scherp te onderscheiden of er sprake is van een beginnende depressie, een angststoornis, of een burn-out. Ik wilde deze les gebruiken om daar meer inzicht in te krijgen.

Daarnaast heb ik vooraf literatuur geraadpleegd over het verschil tussen spanningsklachten en depressieve stoornissen, en gekeken naar signalen die kunnen wijzen op een burn-out versus een angststoornis. Ook heb ik mijn aantekeningen uit eerdere lessen en intervisiemomenten doorgenomen.

Mijn voorbereiding was er dus op gericht om met gerichte vragen en praktijkvoorbeelden de les in te gaan, zodat ik de theorie direct kon koppelen aan mijn eigen werkpraktijk.

Angstklachten en angststoornissen

Visie: Angst is een normale en functionele reactie, maar kan problematisch worden wanneer het niet meer in verhouding staat tot de situatie. Als POH-GGZ is het belangrijk om onderscheid te maken tussen een tijdelijke angstreactie en een gegeneraliseerde angststoornis of paniekstoornis.

Vragen:

  • Welke signalen zijn het meest kenmerkend voor een angststoornis ten opzichte van normale angst?
  • Hoe kan ik in een vroeg stadium escalatie naar een angststoornis voorkomen?

Somberheid en depressieve stoornis

Visie: Somberheid is iets wat veel cliënten ervaren, maar dit hoeft niet meteen een depressieve stoornis te betekenen. Het vraagt om zorgvuldig exploreren van duur, intensiteit en beperkingen in het dagelijks functioneren.

Vragen:

  • Hoe maak ik een goede inschatting van de ernst van somberheidsklachten?
  • Welke screeningsinstrumenten zijn bruikbaar in de huisartsenpraktijk?

Burn-out

Visie: Burn-out is vaak het resultaat van langdurige overbelasting en het negeren van signalen. Vroege herkenning van spanningsklachten kan voorkomen dat mensen volledig uitvallen. De POH-GGZ speelt een belangrijke rol in signalering, psycho-educatie en begeleiding.

Vragen:

  • Wat is het onderscheid tussen burn-out en een depressie, zeker bij overlap van klachten?
  • Hoe ga ik om met cliënten die zelf denken dat ze 'gewoon moe' zijn, terwijl er mogelijk sprake is van burn-out?

Slaapproblematiek

Visie: Slaapklachten komen veel voor en kunnen zowel een oorzaak als gevolg zijn van psychische klachten. Inzicht in normale en afwijkende slaappatronen is essentieel voor een juiste benadering van de klachten.

Slaapproblematiek

Visie: Slaapklachten komen veel voor en kunnen zowel een oorzaak als gevolg zijn van psychische klachten. Inzicht in normale en afwijkende slaappatronen is essentieel voor een juiste benadering van de klachten.

Vragen:

  • Wat zijn signalen van een primair slaapprobleem versus secundaire slaapproblemen?
  • Wat zijn effectieve eerste interventies bij slaapproblematiek?

Spanningsklachten in een vroeg stadium

Visie: Vroegtijdige herkenning van spanningsklachten biedt de mogelijkheid om laagdrempelig te interveniëren. Dit voorkomt vaak verdere escalatie naar ernstigere problematiek. Psycho-educatie en normalisering zijn belangrijke tools.

Vragen:

  • Hoe breng ik spanningsklachten ter sprake bij cliënten die geneigd zijn deze te bagatelliseren?
  • Welke modellen of methodieken zijn geschikt om stressklachten in kaart te brengen?

Beschrijf de inhoud van de gemiste lesdag aan de hand van onderstaande aandachtspunten

De theorie over angst, somberheid, spanning, burn-out en slaapproblematiek herken ik goed in mijn dagelijkse praktijk. Veel patiënten melden klachten die elkaar overlappen of naast elkaar bestaan. Het is regelmatig een uitdaging om helder te krijgen welke klachten primair zijn en welke voortkomen uit andere problematiek. De uitleg over het verschil tussen spanningsklachten, angststoornissen en depressieve stoornissen sluit naadloos aan bij wat ik in de praktijk zie. Ook het belang van vroegtijdige herkenning van burn-out en het signaleren van afwijkende slaappatronen ervaar ik als zeer relevant.

Persoonlijk vind ik het belangrijk om bij deze onderwerpen niet alleen te kijken naar de diagnostische criteria, maar ook naar het verhaal en de leefwereld van de patiënt. Mijn visie is dat een holistische benadering, waarin aandacht is voor psychosociale factoren en levensstijl, essentieel is voor een goede aanpak. Binnen mijn organisatie wordt dit onderwerp ook serieus genomen, met een duidelijke focus op preventie en vroegsignalering. Er is ruimte om met patiënten te werken aan zelfmanagement en het bieden van psycho-educatie wat goed aansluit bij de lessen.

Uit de lessen neem ik mee dat ik nog scherper moet letten op het bewaken van de gespreksstructuur, vooral bij patiënten die blijven doorpraten zonder tot de kern te komen. Daarnaast wil ik de kennis over het onderscheiden van somberheidsklachten versus depressie en spanningsklachten versus angststoornissen beter toepassen. Ook ga ik actiever aandacht besteden aan slaapproblematiek en burn-out signalen in een vroeg stadium herkennen, zodat ik sneller kan interveniëren of doorverwijzen. De theorie en tools uit de les helpen mij om mijn gesprekken doelgerichter en effectiever te maken.

Vraag bij je medecursisten na wat er besproken is en beschrijf dit

Ik heb gesproken met mijn medestudent over het onderwerp burn-out, dat tijdens de lesdag uitvoerig is besproken. Ze vertelde dat zij vooral veel heeft geleerd over het onderscheid tussen burn-out en een depressie. Zij vond het interessant hoe burn-out vooral wordt gezien als een gevolg van langdurige werkstress en overbelasting, terwijl depressie een meer complexe psychische stoornis is met andere diagnostische criteria. Zij gaf aan dat zij in haar werkpraktijk soms moeite had om dit onderscheid goed te maken, vooral omdat klachten elkaar overlappen. De les heeft haar geholpen om meer inzicht te krijgen in signalen van burn-out en het belang van vroege herkenning.

Mijn visie is dat het essentieel is om niet alleen te focussen op de symptomen, maar ook op de context en het functioneren van de cliënt, zodat passende interventies tijdig ingezet kunnen worden. Ook zie ik het als mijn taak om psycho-educatie te bieden over stress en herstel, zodat cliënten beter begrijpen wat burn-out inhoudt en hoe zij zelf kunnen bijdragen aan herstel. Het onderscheid tussen burn-out en depressie blijft soms lastig, maar ik voel me dankzij de les en het gesprek beter toegerust om dit in mijn praktijk te herkennen en te bespreken.

Afhankelijk van de inhoud van de lesdag toon je aan het geleerde te beheersen of verder ontwikkeld te hebben.

  • "Burn-out: een moderne epidemie of een onderschatte psychische aandoening?"
    Tijdschrift voor Psychiatrie, 2021 – auteur: Dr. M. Buwalda

Ik heb voor dit artikel gekozen omdat het zich specifiek richt op het onderscheid tussen burn-out en depressie, een onderwerp dat in de lesdag centraal stond en dat ik ook in de praktijk vaak tegenkom. In gesprekken met cliënten merk ik dat veel mensen zelf het label ‘burn-out’ gebruiken, terwijl de klachten soms ook passen bij een depressieve stoornis. Dit artikel helpt mij om het verschil beter te begrijpen en dus ook beter te kunnen signaleren en begeleiden.

Het artikel gaat in op de toename van burn-outklachten in de maatschappij en beschrijft de overlap én de verschillen met depressie. Burn-out wordt hierin gekenmerkt als een syndroom met drie kernsymptomen:

  1. Emotionele uitputting
  2. Depersonalisatie (afstand nemen tot werk of mensen)
  3. Verminderde persoonlijke bekwaamheid

Een belangrijk punt dat het artikel benadrukt, is dat burn-out geen officiële DSM-5-classificatie is, wat het onderscheid met depressie bemoeilijkt. Depressie kent een breder scala aan symptomen zoals anhedonie (geen plezier meer ervaren), negatieve cognities, en verlies van interesse, die bij burn-out minder prominent aanwezig zijn.

Het artikel stelt dat er meer aandacht moet komen voor het vroegtijdig herkennen van stress gerelateerde klachten en het belang van context: burn-out is vaak werk gerelateerd, depressie is breder van aard. Er wordt gepleit voor multidisciplinaire samenwerking tussen huisarts, POH-GGZ en eventueel bedrijfsarts om tot een goede diagnose en begeleiding te komen.

Ik vind het artikel waardevol omdat het helder onderscheid maakt tussen burn-out en depressie, zonder het belang van overlap te negeren. In mijn praktijk herken ik het risico dat cliënten met een depressie zichzelf als ‘burned out’ beschouwen en daardoor geen passende hulp krijgen. Tegelijkertijd zie ik ook dat burn-out vaak onvoldoende serieus wordt genomen omdat het geen formele diagnose is.

Mijn visie is dat het als POH-GGZ belangrijk is om goed door te vragen naar context, duur van klachten en het functioneren op andere levensgebieden. Het artikel ondersteunt dat idee. Daarnaast vind ik het cruciaal dat wij binnen de eerstelijns zorg goed samenwerken met andere disciplines om cliënten niet onnodig te medicaliseren, maar wel passende ondersteuning te bieden.

In mijn praktijk zie ik regelmatig cliënten die zich overspannen voelen of ‘vastlopen’ in hun werk. Vaak zijn ze emotioneel uitgeput, slapen slecht en ervaren concentratieproblemen. Dit artikel helpt mij om gerichter te kijken of er ook sprake is van somberheid, negatieve denkpatronen of andere depressieve symptomen die meer passen bij een stemmingsstoornis.

Een aanvulling voor mijn organisatie zou kunnen zijn om meer te doen aan psycho-educatie rondom stress, burn-out en depressie – bijvoorbeeld in de vorm van folders, groepsvoorlichting of het aanbieden van korte trainingen gericht op veerkracht en werk-privébalans. Ook zie ik kansen in nauwere samenwerking met de bedrijfsarts, om zo de begeleiding van werk gerelateerde klachten beter af te stemmen.

 

Maak jouw eigen website met JouwWeb